deel 3:  Priester zijn


We hebben al twee keer gelezen dat God ons maakt tot een koninkrijk van priesters:
- Opb.1:6, bij de zegengroet
- Opb.5:10, bij de aanbidding van het Lam
 
Oude woorden gaan hiermee in vervulling, lees Exodus 19:1-6. Maar wat is een koninkrijk van priesters?
a) Een priester is namens God onder de mensen én hij brengt mensen bij God.
b) Priesters leven vol verwachting, zij bidden voor alle mensen, zij onderwijzen met ontferming, zij hebben slechts eenvoudige bezittingen,
hun rijkdom is de Heer.
c) Op die manier was het nageslacht van Aäron eeuwenlang aanwezig onder het volk, als beeld vooraf van Jezus Christus, onze Hogepriester.
In Jezus komt God bij mensen en komen mensen bij God.
d) Nu zijn alle christenen priester (HC zondag 12), maar voor wie? We zijn een priestervolk onder de volken!
Onze roeping is: namens Christus (als Christus) aanwezig zijn onder de mensen én mensen leiden tot Hem.
e) Een ‘koninkrijk van priesters’ is een opvallende manier van zeggen. Een koninkrijk is sterk, een priester is dat juist niet.
Dit is net zo opvallend als de Leeuw die overwon door zijn leven te geven als een Lam. Onze kracht ligt in het offer van ons leven, om God te dienen en onze naaste te behouden.
> 1. Wat vind je hiervan? Wil je zo priester van God zijn, onder de mensen …?
> 2. Hoe nieuw is dit voor je / voor ons?
> 3. Wat zien mensen (in de straat, op het werk) voor christelijks in jou? Vraag het eens!


Petrus schrijft: ‘ … u bent een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie, een volk dat God zich verworven heeft om de grote daden te verkondigen van Hem die u uit de duisternis heeft geroepen naar zijn wonderbaarlijke licht’ (1P2:9).

Eerder noemde hij hen vreemdelingen ‘verspreid’ onder de volken (1P1:1). Hier staat een woord dat te maken heeft met zaaien, uitstrooien. God heeft zijn volk niet verlaten, wel uitgestrooid onder de volken, zoals een zaaier zijn zaad verspreid.
En waarom zijn ze ‘vreemdelingen’? Omdat ze gevlucht zijn? Nee, omdat ze niet meer bij de duisternis horen. Duisternis is: blind zijn voor God. De samenleving is er vol van, christenen leven er midden in, maar zelf horen ze daar niet meer bij nu ze God zien.

 

Als priesters zijn we vreemdelingen in deze wereld. Wel betrokken vreemdelingen, niet afstandelijk, biddend en zegenend onder de mensen aanwezig. Maar we kunnen niet denken vanuit macht of gevestigde posities op aarde. We zijn van de Heer in de hemel, door Hem uitgestrooid als een zaad, om tot zegen te zijn overal waar we komen. Tot offers bereid, kwetsbaar, maar vol verwachting. En zo zijn we toch ook een koninkrijk, vanuit de hemel op de aarde, een heilige natie, sterk in de Heer.

  • Als je bidt ‘Uw koninkrijk kome’, denk je dan aan een koninkrijk van priesters ..?
  • Hoe is dat voor je, uitgestrooid te zijn in de stad, in de straat ..?
  • De kerk is belangrijk, maar niet als bolwerk. Hoe dan wel …?
  • Wat kun je betekenen als huiskring in de buurt?
  •  

    God heeft de wereld lief (Joh.3:16)! Niet de wereld is je vijand, maar de duisternis in de wereld. Je moet niet de wereld ontlopen, maar de vorst van de duisternis, die overal kan toeslaan, in de wereld én in de kerk (1P5:8-11). Dit onderscheid is belangrijk:

  • als je de wereld niet liefhebt, trek je je terug op jezelf;
  • als je de duisternis lief krijgt, kun je geen priester meer zijn.
  • Help elkaar hierbij! Hoe doe je dit? De ‘wereld’ en de ‘duisternis’ lijken zo vaak hetzelfde.